HelicopterreddingDe Koninklijke Luchtmacht heeft voor Search And Rescue (SAR)- activiteiten op zee reddingshelikopters gestationeerd op Vliegbasis Leeuwarden en op Vlieland. Hoofdtaak is het opsporen en redden van militaire piloten, die in zee zijn gevallen bij schietoefeningen op Vlieland. Daarnaast kunnen de helikopters worden ingezet bij andere reddingsoperaties op zee. Er wordt veel geoefend in het maken van verbinding met schepen en het daarop neerlaten van de redder en het afvoeren van gewonden. Voor de helikoptervlieger is het extra moeilijk om operaties uit te voeren in de buurt van een zeiljacht in verband met de (beweeglijke) mast en tuigage. GEEN STRIKTE PROCEDURE MAAR IMPROVISEREN. Hoewel hier en daar zeer strikte procedures beschreven staan over hoe te handelen bij helikopterhulp op zee vindt men bij de SAR dat je een paar algemene regels in acht moet nemen en de verdere handelswijze moet laten afhangen van de situatie: "Je moet je gezond verstand gebruiken". De ideale situatie is dat het schip vaart loopt en daarbij een zodanige koers voorligt, dat de wind ca. 30º over bakboord inkomt. De helikopter zal dan aan bakboord naast het schip hangen op circa 50 voet (15 meter) hoogte. De vlieger zit aan de rechterzijde in de helikopter en kan zo het schip goed zien.
NOOIT LIJNEN VANUIT DE HELIKOPTER VASTZETTEN OP HET SCHIP Als er een lijnverbinding tot stand komt tussen helikopter en schip, moet deze lijn op het schip altijd met de hand worden vastgehouden en mag nooit worden vastgebonden.
DE HELIKOPTER HEEFT DE LEIDING OVER DE OPERATIE
STATISCHE ELEKTRICITEIT
COMMUNICATIE
DE EERST LIJNVERBINDING TUSSEN HELIKOPTER EN SCHIP Deze lijn mag niet worden vastgezet, maar dient met de hand onder spanning te worden gehouden. Het losse eind wordt bijvoorbeeld in een aan de achterpreekstoel bevestigde puts gedaan. De helikopter zal proberen op dezelfde positie ten opzicht van het schip te blijven. Dat is gemakkelijker indien het schip vaart loopt en indien er wind staat.
REDDER KOMT AAN BOORD
VAN SCHIP NAAR HELIKOPTER
SLING. Aan de hijslijn van de helikopter is een brede band bevestigd. Deze wordt over het hoofd gedaan en dan onder de oksels. Tijdens het hijsen moeten de armen naast het lichaam naar beneden blijven. Vooral niet de armen omhoog steken ! Meestal zal je tegelijkertijd met een redder omhoog worden gehesen, maar het kan ook zijn, dat je alleen reist.
BRANCARD. Een brancard kan alleen dan vanuit een zeilschip naar de helikopter worden gehesen, als daarvoor voldoende ruimte is. Als het niet kan moet de gewonde in bijboot of reddingsvlot aan een lijn achter het schip worden gevierd. De redder komt dan daar met de brancard naar beneden en legt de gewonde in de brancard. De brancard is opvouwbaar en kan door de redder in een rugzak worden meegenomen. Een gewonde, die in zee ligt, kan niet in de brancard worden gebracht.
ORGANISATIE AAN BOORD VAN HET SCHIP
ENIGE FEITEN. Werkmarges helikopter : 120' heen, 1/2 uur werken, 120' terug. Brandstof voor 3 uur, half uur reserve. Kruissnelheid 120'.
Medische instrumenten in helikopter o.a.:
De bemanning bestaat uit: |
Waypoint Amsterdam Zeilschool
Durgerdammerdijk 7, Amsterdam
06-3444 2112